30-11-05

 Huh?!

Sommige mensen lopen toch echt met stront in hun ogen rond denk ik.  Ik liep gisteren na het werk van het station naar de auto.  Die stond een kleine km verder omdat ik er nog eens in geslaagd was om een latere trein te nemen dan gewoonlijk.  Een kleine km verder staat ook geen verlichting meer en dankzij het winteruur is het ’s avonds toch al vrij donker.  Maar bon, laat dat geen excuus zijn want ik heb het nog niet voorgehad. 

 

Ik was in het gezelschap van nog een langslaper die een paar meter voor mij liep.  De man met de stront in zijn ogen.  Ik was juist aan het proberen hoe ver mijn tjiptjipke om de deuren te openen reikte en mijn collega-treinreiziger moet op hetzelfde moment zijn knoppeke ingedrukt hebben want hij ging rechtstreeks naar mijn auto, twijfelde even, opende de deur en ging erin zitten.  Dat is wel efkes schrikken, al kon hij niet veel beginnen zonder sleutel.  Hij zit daar dus in mijn auto en als ik dichter kom (ietsjes sneller dan daarvoor) zie ik hem met een raar gezicht naar het dashboard kijken.  Je kon zo zien dat zijn brein op volle toeren draaide of op zijn minst probeerde te draaien.   Dan keek hij verdwaasd naar links waar ik vriendelijk stond te zwaaien en stapte terug uit. 

 

“Van auto vergist meneer?”

 

Hij draait zich nog eens om naar de auto, bekijkt zijn sleutel en weer de auto…

“Euh… precies he.  Ik dacht al dat ik zot werd.  Maar ik heb hem toch geopend?”

“Ik denk het niet.  Gij hebt waarschijnlijk die hiernaast geopend.”

 

Weer een achterdochtige blik op zijn sleutel en op de auto die een plaatsje verder stond.

“Jaja, dat is em.  Maar allee, ik zat er dan toch maar eentje naast.  Sorry.”

“Da’s niks meneer, als ge nu nog uw tas uit den auto wilt halen dan is dat allemaal in orde zie.”

“Just ja… goed dat je het zegt.”

 

Hij pakt zijn tas, kijkt nog eens naar zijn sleutel, duwt op het knopje, merkt dat zijn eigen auto sluit en niet die van mij en schudt dan onbegrijpend zijn hoofd.  

 

Als ik van hem was dan sliep ik vandaag toch wat langer door.



11:07 Gepost door P | Permalink | Commentaren (11) |  Facebook |

 Quiz

Voor de muziekkenners onder jullie...  Op dit prentje staan 72 muziekgroepen afgebeeld.   Op de voorgrond staat bijvoorbeeld Queen.  Eens kijken wie de rest ook kan ontdekken. 

08:24 Gepost door P | Permalink | Commentaren (11) |  Facebook |

28-11-05

Sprookje

Eentje van lang geleden dat ik gisteren toevallig nog eens ergens tegenkwam.  Maar het blijft grappig... vind ik toch.

 

Er leefde eens, veel her weg in een krachtig pasteel, een scheel hoon meisje en dat scheel hoon meisje heette Weefsnitje.

Maar in dat krachtig pasteel woonde nog iemand:  de biefstoeder, de moze biefstoeder van Weefsnitje.  En iedere dag trok zij haar kloonste scheetje aan, en dan ging ze voor het wiegeltje staan, en dan zei ze: “Wiegeltje, Wiegeltje aan de spand, wie is de vroenste schouw van lans het gand?”

En dan antwoordde dat wiegeltje,: “Biefstoeder, je bent scheel hoon, maar Weefsnitje is muizendschaal doner dan jij.”

En dan werd die moze biefstoeder beeds stozer.

En op dekere zag, ging zij vrorgens smoeg naar de joze bager.  “Joze bager” zei ze, “jij gaat Weefsnitje nidkappen en haar achterlaten in het wonkere doud.”

En de joze bager, de leersmap, die had een klare zijk op de kaak.  Hij was vroeger nog matroos geweest en had zeven jaren op zijn slip gescheten.

De joze bager sprong dus op zijn perk staard, pakte zijn wietgescheer en met zijn klatte zoten smeet hij Weefsnitje in het wuikgestras.

En Weefsnitje, ocharme, zat daar te schruilen van de hik.  Het zat daar vol met woute stolven.  Maar toen kwamen daar uit het heupelkrout de dweve zergjes die ergens wiep in het doud in een harig kutje woonden.  Zij zagen Weefsnitje liggen en, met verkrachte eenden, brachten zij Weefsnitje naar een haddenstoelen puisje.

Toen kwam daar opeens de prone schins voorbij, ook al pezeten op een perk staard, eigenlijk een pimmelschaard.  Hij zag Weefsnitje liggen, want zij lag daar in een klazen gist.  Zij had zich immers verslikt in een fut struik van de houte steks.  En de prone schins werd natuurlijk zapelstot van Weefsnitje; hij streek haar kak in de ogen en muste haar recht op haar kont.  Hij nam haar mee, zij trouwden veel en hadden lange kinderen en gaven een groot kannepoekenfeest.




09:56 Gepost door P | Permalink | Commentaren (10) |  Facebook |

25-11-05

Puzzelen

Sinds we binnen ons team het gezelschap hebben gekregen van een nieuwe collega die op uitwisseling is uit een team aan de overkant van de gang, hebben ze hier onder de middag een nieuwe hobby.  Het zijn hier echte kuddedieren want als je op de trein rondkijkt of eender welke krant openslaat, gooien ze er mee naar je kop.  Sudoku’s.

 

Ik word zot van die dingen, poepeloerezot, tureluut, sjikkie-sjikkie,...  Voor de mensen die de laatste twee à drie maanden doorgebracht hebben met het verbranden van oud metaal in een Parijse voorstad, even wat meer uitleg.  Een sudoku is een puzzel waarbij je een nummer op de juiste plaats moet invullen.   De bedoeling is om de nummers van 1 tot en met 9 in te vullen in een rooster dat bestaat uit negen kleinere roosters die elk nog eens opgedeeld zijn in 9 vakjes.  Elke rij, elke kolom en elk rooster van 9 mag maar een keer hetzelfde getal hebben.  Klinkt moeilijk zegt u.  Dat is het ook.  Soms toch.

 

Nog meer geschiedenis.  Sudoku’s zijn, in tegenstelling tot wat de naam laat vermoeden, niet ontstaan in Japan maar in New York waar een gespecialiseerd puzzelblad ze uitbracht onder de naam ‘Number Place’.  In Japan zijn ze immens populair sinds 1984 en werden ze hernoemd naar Sudoku wat afgeleid is van ‘Suuji Wa Dokushin Ni Kagiru’ wat ongeveer wil zeggen ‘nummer dat alleen staat’.  In 2004 heeft The Times Of London dan eentje gepubliceerd en nu loopt iedereen daar zot van.

 

Zo ook mijn geliefde collega’s die mij langs alle kanten blijven bestelpen met kaderkes met cijfers in.   En ze lossen dat dan om ter snelst op.  Hersenen draaien op volle toeren, papieren ritselen en pennen zuchten onder het rekenwerk.  Volgens mij is dat niet gezond.  Na een tijd begin je echt hokjes te zien en dat doen ze hier al genoeg.  Die hokjesmentaliteit moet ik zo niet.  Maar sinds kort ben ik de onbetwistbare heer en meester in het oplossen van sudoku’s.  Ik ben altijd het eerst klaar met die dingen.  Terwijl zij nog zitten te zuchten en te zwoegen en ergens halfweg al gezegd hebben dat ze vast zitten, heb ik al lang alles opgelost.  Intelligent hoor ik u denken.  Ja tartaar,  ik gebruik een computerprogrammaatje waardoor ik op een paar seconden het antwoord heb.  Na een tiental minuutjes roep ik dan euforisch  “Ja, ik heb hem.”

Op die momenten valt ontzag mij te beurt en ik ben weer tot de volgende middag van hun sudoku-obsessie af.  Ik ga mij hier niet zot maken met ganse middagen cijferkes in te vullen zenne.  Af en toe op de trein ja.  Om het ook eens mee te maken.  Dan gaat het al veel minder.  Maar dat blijft tussen ons.

 

Voor diegenen die het toch zelf eens willen proberen.

Ga vooral uw gang.



13:36 Gepost door P | Permalink | Commentaren (7) |  Facebook |

24-11-05

Collega's...

Dat het hier vol rare mensen loopt had ik u waarschijnlijk al eens verteld.  Ik ben daar een goed voorbeeld van.  Maar ook andere bloggers lopen hier soms rond dus u kan zich aan iets verwachten hier.  Soms ben ik zelfs blij dat ik een bril nodig heb om scherp te zien.  Die bril zet ik namelijk nooit op als ik hier door het gebouw dwaal.  Veel te angstaanjagend.  Ik ben er van de eerste dag al van overtuigd dat er vroeger bij de selecties een wedstrijdje tussen de interviewers onderling was.   Diegene die de lelijkste of de meest eigenaardige vogel van het  jaar aannam, kreeg een prijs.  Gelooft u me niet?   Kom dan maar eens kijken.

 

Er huppelt hier bijvoorbeeld eentje rond met een tas koffie.  Op zich is dat niet zo speciaal maar ze huppelt wel constant rond met haar tas koffie.  Elke keer dat ik mij op de gang waag is ze daar.  En haar knieën plooien volgens mij niet want ze hupt echt.  Bij elke stap gaat die tas dus omhoog en omlaag en de koffie zelf vlamt er langs alle kanten uit.  Dat is waarschijnlijk ook de reden waarom dat mens de godganse dag rondloopt.  Tegen dat die aan haar kantoortje is, heeft ze geen koffie meer.

 

De dikke en de dunne is nog zo een schoon koppel.  Hij met een fors uit de kluiten gewassen horecagezwel en een hemd dat elke keer weer scheef geknoopt is, zij een extreem anorexia geval waarbij het mij elke dag onduidelijker is hoe die dikke kop op dat altijd smaller wordend nekje blijft staan.

 

Maar dat zijn vriendelijke mensen.  Er loopt, of liever liep, hier nog een ander geval rond.  Een kleine grijze poedel op sloefkes.  Een vrouwtje dat net niet tot onder mijn oksels kwam, gekleed in de laatste nieuwe bomma-mode van het jaar des here 1953 en met een verschrikkelijke permanent.  En madam werkte op haar sloefkes.  Zo van die donkergroene brol met een goudkleurig randje en een schildachtig iets op.  Niet dat het mij iets kan schelen wat ze aan haar voeten heeft uiteraard.  Voor mijn part draagt ze sandalen, maar haar arrogantie was iets minder.

 

Er staat hier namelijk één koffieapparaat per afdeling.  ’s Morgens plant iedereen daar zijn thermos onder en ontstaat er uiteraard file.  Mevrouw ging ’s morgens dus de maatbeker halen om hem op haar kantoor te verstoppen zodat ze op haar gemak iedereen voor was.  Uiteraard leidt dat regelmatig tot interessante strubbelingen.  Interessant omdat ik toch geen koffie drink maar wel geniet van de gevoerde discussies.  En ook interessant om te zien dat de poedel de mentaliteit van een pitbull heeft want ze wint altijd.  Ofwel is de rest te soft.  Dat zou ook kunnen.

 

Al een geluk dat de aanwervingspolitiek lichtjes veranderd is.  De jeugdigere collega’s zijn  allemaal stukken toffer.  Afwachten of dat ook zo blijft.  Misschien is dat wel langzaamaan gegroeid bij die anderen…  Wie weet werk ik hier binnen x aantal jaar ook op mijn sloefkes met mijn hemd scheef geknoopt en een kapsel als zwarte piet.


11:18 Gepost door P | Permalink | Commentaren (12) |  Facebook |

23-11-05

 Toekomstplannen

Ik ga u een geheim verklappen.  Iets wat niemand weet.  Ik wilde niet altijd ambtenaar worden.  Ik weet zelfs niet of ik nu wel ambtenaar wil worden.

 

Toen ik heel klein was, wilde ik metselaar worden.  Iedereen in het klasje werd polisiemeneer, brandweerder, ef bi aaijer, astromon…astronomon… ruimtemens, of vliegtuigchauffeur.  Péke wilde metselaar worden.  Vraag me niet waarom want ik kan daar geen zinnige verklaring voor geven.  Ik weet niet wat me toen zo in dat beroep aantrok maar ik heb in elk  vriendenboekje duidelijk gemaakt wat ik in de toekomst zou zijn.  Maar er stond wel meer zever in die vriendenboekjes.  Iets later werd dat dan rallypiloot, F1-piloot, buschauffeur, vrachtwagenbestuurder, taxichauffeur… enfin, als er maar auto’s of snelheid bij kwamen kijken.  

 

En bekijk me nu.  Ik zit elke morgen op een trein tussen werkende zombies om een hele dag met mijn gat op een ongemakkelijke stoel voor een klein schermpje te zitten…  Ik heb niet het gevoel dat ik iets nuttigs doe en over snelheid ga ik zelfs niets zeggen…

 

Maar taxichauffeur lijkt me nog altijd iets grappigs.   Vooral als je dit kan doen.



09:26 Gepost door P | Permalink | Commentaren (9) |  Facebook |

22-11-05

Mandarijntjes

Sinterklaas komt er langzaamaan weer aan.  En bij het verschijnen van Sinterklaas word je traditiegewijs langs alle kanten bekogeld met mandarijnen en clementinen.   En dat eet ik graag.  Dat is nu eens het enige voordeel aan de half seniele goedheiligman die toch nooit bracht wat ik graag had. Ik vermoed dat mijn alomgekende braafheid niet tot in Spanje bekend was.  Of misschien schreef ik mijn brieven wel veel te onduidelijk.  Als ik om de nieuwste set matchboxautootjes vroeg lag er ’s morgens een stripboek in mijn schoen.  Als ik een nieuwe fiets vroeg in het blauw met drie versnellingen en een sportstuur, dan lag er ’s morgens  een stripboek in mijn schoen.   U ziet, ik vroeg niet overdreven veel.  Ik moest geen plastieken hond hebben die blaft als je op zijn koppeke krabt.  Ik had geen nood aan pluchen of een electronisch beest dat je moest onderhouden door op een paar knoppen te duwen elke keer als hij van zijn oren maakte.  De poppen die mijn nichtjes kregen waren zindelijk, die lekten niet langs alle kanten zoals die van nu en die riepen zeker niet op hun mama. Wij vroegen gewoon speelgoed,  maar blijkbaar had de sint aandelen in de stripwereld en wilde hij zijn eigen zakken wat vullen.  Mijn broer kreeg ook altijd stripboeken waardoor de strijd om het mooiste stripboek vaak in alle hevigheid losbarstte.  Tot het jaar kwam dat hij liever Jommeke las.  En Jommeke heb ik altijd dikke zever gevonden.  Vliegende bollen en vliegende eieren… daar geloofde ik niet in hoor. 

 

Nee, de sint was niet altijd mijn goeie vriend.  Ooit heb ik eens de laatste wortel in huis in mijn schoentje gelegd voor de sint zijn  paard.  Het was zo een verschrompeld miserabel ding maar het was de enige die we nog hadden en ik wou niet dat het paardje honger leed.   Ik had er zelfs een briefje bij gelegd om mij te verontschuldigen.  Hij zag er niet smakelijk uit maar hij was het nog wel hoor.   Ik had zijn broertje diezelfde middag nog opgegeten.   En ’s morgens waren en de wortel en mijn briefje weg.  Ik was blij dat de sint het mij niet kwalijk nam.  Tot ik iets daarna die rotwortel opnieuw in de koelkast zag liggen.  Toen was ik in mijn gat gebeten, dat kan ik u zeggen…

 

Maar ik had het eigenlijk over mandarijnen.  En niet over dat rood geval met zijn negerslaafje.  Da’s nog zoiets.   Politiek correct is die man niet he…  Maar enfin, mandarijnen dus.  Ik eet dat graag.  Als er mandarijnen in huis zijn, dan zijn die geen lang leven beschoren.  Néke is ook voorstander van mandarijnen.   Appelsienen vinden we maar niets, veel te groot en te moeilijk.  Mandarijnen daarentegen…  Clementinen zijn nog beter…  Lekker, lekker, lekker.

Maar we zijn natuurlijk niet met ons tweetjes thuis.  Er huppelt daar nog iemand rond.  En geloof het of niet, dat beest is verzot op mandarijnen.  Van zodra ik mij ergens zet om er eentje te pellen komt hij afgestormd om een stuk in de wacht te slepen.  Als hij eentje krijgt hupt hij eerst half het huis rond met dat stuk mandarijn in zijn bek en gaat het daarna ergens met luide smakgeluiden zitten opeten. 

 

Toegegeven, we zijn dat al wat gewoon.  Waar eten is, is onze Fonz.  In het begin was hij wat nieuwsgierig maar nu zou hij de stukken gewoon uit mijn hand trekken.  Mandarijnen, peren, ananas, brood, witloof, … alles slaagt dat ding in zijn  pens.  Dat is niet meer normaal.  We durven hem zelfs geen stuk vlees voorhouden als hij komt snuffelen.  Hij zou het gewoon opeten.




09:39 Gepost door P | Permalink | Commentaren (6) |  Facebook |